Column Ljouwert: “Geleend of geschonken”

Het komt geregeld voor dat familieleden of vrienden elkaar uit de brand helpen. Dat is natuurlijk prachtig en moedig ik van harte aan. Ik zie geregeld dat iemand zijn familielid of goede vriend geld geeft wanneer de vriend of het familielid even krap bij kas zit. Als de verhoudingen goed zijn, zijn wij mensen hele sociale dieren. Dus is er ook niks mis mee elkaar dan eens financieel te steunen. Sterker nog, men vindt het dan vaak ook niet nodig gemaakte afspraken op papier te zetten. Maar wanneer de verhoudingen verslechteren of de financiële situatie van de voorheen berooide vriend of het aan lager wal geraakte familielid ineens wel rooskleurig is, kan de vlag er ineens heel anders bij hangen.

Ik zie geregeld dat er dan wordt verwacht dat het ter beschikking gestelde geld wordt terugbetaald. En dan ontstaat de ellende. Want is het geld “geleend” of is het “geschonken”? Een vraag die in de praktijk veel voorkomt. Het antwoord is van groot belang, want is het geld uitgeleend dan moet het terug worden betaald, maar is het geschonken dan mag de vriend of het familielid het geld houden.

Het antwoord op de vraag of er sprake is van een lening of een schenking, hangt af van de omstandigheden van het geval. Is er bijvoorbeeld iets op papier gezet? Zo ja, dan zal daar uit blijken of er sprake is van een lening of een schenking. Mits de afspraken natuurlijk op deugdelijke wijze op papier zijn gezet. Maar zoals ik zojuist al aangaf, is het veelal niet het geval dat er iets op papier staat. Maar soms zijn er e-mails of brieven waaruit blijkt wat de intentie van de partijen was toen het geld ter beschikking werd gesteld. Dit kan dan aanleiding zijn om aan te nemen dat er sprake is van ofwel een lening ofwel een schenking. Vond de betaling per bank plaats? Dan helpt het betalingskenmerk ons misschien verder. Als daar bijvoorbeeld wordt gesproken over lening of juist schenking wijst dat in de richting van het type rechtshandeling dat aan te betaling ten grondslag ligt.

Ligt het allemaal niet zo duidelijk, dan zal een rechter er iets van moeten vinden. In een procedure zal het vaak aankomen op de bewijspositie van de beide partijen. Allereerst moet vast komen te staan dat er überhaupt een bedrag is betaald. Is dat per bank gebeurd, dan zal dat weinig problemen opleveren. Maar vaak wordt het geld contact gegeven en dan is het lastiger dat te bewijzen. Als de ontvanger van het geld ontkent het geld te hebben gekregen, zal degene die het geld heeft gegeven de betaling moeten bewijzen. Als er dan geen bewijs is, zit je in een benarde positie. Ik zie vaak situaties voorbij komen waarin een contante betaling door de vermeende ontvanger wordt betwist. Soms kan je het dan alsnog bewijzen met brieven, e-mails of getuigenverklaringen. Lukt dat echter niet dan sta je met lege handen en krijg je het geld niet terug

Is er wel bewijs dat het geld is betaald, dan speelt de volgende vraag die bewezen moet worden. Namelijk, is er sprake van schenking of van een geldlening? Beide partijen dragen ieder de bewijslast van hun eigen standpunt. Zo nodig dient degene die het geld heeft uitgeleend te bewijzen dat er een geldleningsovereenkomst is gesloten. De ontvanger van het geld zal daartegenover moeten bewijzen dat het geld juist is geschonken. Daarbij geldt: het is van tweeën één!

Of toch niet? Want stel nou dat er geen bewijs is voor de stelling dat er een geldleningsovereenkomst is gesloten, maar dat evenmin bewezen kan worden dat het geld is geschonken? Dan komen we uit bij het juridisch leerstuk van de “onverschuldigde betaling”. Van onverschuldigde betaling is sprake als iemand aan een ander een bedrag betaalt zonder dat daar een “rechtsgrond”, zoals bijvoorbeeld de eerder genoemde geldlening of schenking, aan ten grondslag ligt. In onze casus is het geld betaald, maar is niet komen vast te staan dat daar een rechtsgrond aan ten grondslag ligt. Zowel de schenking als de geldlening konden immers niet bewezen worden. Het leerstuk van de onverschuldigde betaling biedt dan soms uitkomt. Omdat degene die het geld heeft betaald dat in dat geval zonder rechtsgrond heeft gedaan, kan hij of zij het geld als onverschuldigd betaald terug vorderen. Op grond van de onverschuldigde betaling moet het geld dan alsnog worden terugbetaald, tenzij de rechter alsnog aanneemt dat er zich feiten of omstandigheden hebben voorgedaan op grond waarvan de rechter meent dat er toch sprake is van een lening, dan wel een schenking. Dit juridische leerstuk van de onverschuldigde betaling zou dus uitkomt kunnen bieden, maar absolute zekerheid biedt het niet.

Het is in mijn optiek echter niet verstandig het hierop aan te laten komen. Als je iemand met financiële zorgen uit de brand wil helpen, doe je er verstandig aan de afspraken daaromtrent goed vast te leggen. Mocht dat dan later onverhoopt nodig zijn dan kan je in ieder geval bewijzen welke afspraken er zijn gemaakt. Dat scheelt een hoop werk en zorgen als er discussie over de afspraken ontstaat. Ik weet dat vrienden en familie meestal niet zo zakelijk tegenover elkaar staan op het moment dat het geld wordt betaald, maar om ellende in de toekomst te voorkomen doe je er toch verstandig aan de afspraken aan het papier toe te vertrouwen. Een kleine moeite, maar groot een plezier!

 

Lees meer columns van Tjerk zijn hand op de website van de Ljouwert: www.ljouwert.nu